zondag 12 februari 2012

Presteren is Planbaar

Stiekem waren prestaties van PR-formaat gepland op de Halve in Egmond 5 weken geleden en op de 10km in Schoorl vandaag. Eigenlijk vond ik in Ameland half december al mijn Waterloo met een valpartij op 17km. Het direct gevolg was een uit-het-lood-staande heup, gevolgd door rugklachten gepaard gaande met een vastzittende enkel. Presteren is planbaar; Realistische bijstellen van geplande prestaties een noodzaak is me weer eens pijnlijk duidelijk geworden.

Egmond: Hoop vooraf
Na Ameland was ik op sommige trainingen niet meer voorruit te branden, alles deed pijn. Je wil keihard trainen, maar noodgedwongen moet je de training afbreken. Een paar dagen later gaat het, gedreven door de nodige rust en Hoop, weer best aardig. Dan komt Egmond en je hoopt dat het goed gaat. Fout! Als je brein zich al in het ‘Hoop-spectrum’ bevindt zal het zeker niks worden. Geen gepland PR in Egmond dus.

Toch gaven de eerste 10 Egmondse kilometers, die best aardig gingen (31:19), het nodige zelfvertrouwen. Een aardige basis om via de Nationale cross in Kerkrade, een 3000 meter Indoor in Düsseldorf en de Acht van Apeldoorn te knallen op de 10km in Schoorl. Een mooi gepland pad, als je ‘heel blijft’ tenminste. En dat gebeurde dus niet. Eerst een beetje pijn aan de scheenbeenspier, de dag erop wat meer, en toen lag ‘de atleet’ ineens kermend van de pijn over de baan te rollen tijdens een tempoblok.

Na een paar dagen strompelen bleek het niet die scheebeenspier, maar een vastzittende enkel te zijn die de boel blokkeerde. Anyway, streep door Kerkrade, streep door 3000 Indoor. Geen geplande excessieve tempoprikkels dus.  No worries, dan maar wat harder trainen op de baan. Niet dus, Koning Winter trakteert op bizar stramme spieren.

Schoorl: Een strijd tegen mezelf (Foto: Thijs Feuth)
Getooid met ijsmuts viel Apeldoorn tegen. Ik kon gewoon niet harder (wel langer). Vandaag Schoorl. Weliswaar is de planning niet gelopen zoals aanvankelijk voor ogen, maar toch zou een aardige tijd moeten kunnen. Niet dus. De eerste kilometer gaat K, de 2e ook en de rest eigenlijk ook. Ook geen geplande aardige tijd in Schoorl dus. Presteren is planbaar; Realistische bijstellen van geplande prestaties een noodzaak is me weer eens pijnlijk duidelijk geworden.

maandag 19 december 2011

Hardlopen is Teamsport

Jaren lang liep ik alleen en moest ik in mezelf hard lachen om die suffe loopgroepjes die ik ik het park voorbij snelde. En dat terwijl die stumpers zelfs nog adem over hadden om tegen elkaar kunnen praten. Tot precies 3 jaar geleden ook ik me meldde bij de vervallen atletiek-accomodatie op 500 meter van mijn toenmalige woning.

Af en toe is het net een praatgroep. We ouwehoeren heel wat af tijdens een training, vooral tijdens het in- en uitlopen. Gelijkgestemden die dezelfde passie en inzet voor De Lange Afstand delen. Als ware AIVD-ers worden uitslagen en individuele prestaties op zowel wereld- als lokaal-niveau doorgelicht. Wedstrijdervaringen en parcoursen worden besproken om het juiste perspectief bij die prestaties te plaatsen.

Een goed half uur verder verstomd het gepraat en beginnen de tempo's. Groepjes van vergelijkbaar niveau proberen samen kop-over-kop op de seconde nauwkeurig de geplande kilometertijden te realiseren. Op goede dagen sleur ik op kop en voel ik me sterk. Op slechte bungel ik letterlijk in het kielzog achteraan, maar lever ik toch de geplande tijden. Dankzij mijn ploeggenoten. Af en toe moet een Rookie in toom gehouden worden, hardlopen is ook doseren heb ik geleerd.

Eindhovens podium Reusel
In wedstrijden mag de gaskraan echt vol open getrokken worden. Trainingsmaatjes die gedurende een aantal kilometers ineens in tegenstanders transformeren. Het resultaat van deze opstuwende formule mocht er vorige week bij een Cross-wedstrijd in Reusel zijn: Een geheel 'Eindhovens podium'. Mijn eigen toch wel degelijk bevochten tweede plaats was een mooi vooruitzicht voor de volgende 'wedstrijd-en-grouppe': De AdventureRun Ameland, een forse Halve. De reisafstand dwong een trainingsweekend af, en dus vrijdagavond al een Amelandse Pasta-party voor 'ons Eindhovenaren'.

Tijdens de race over het strand legde we met zijn vieren elkaar een afmattend tempo op. Immers, achter favoriet Erik Negerman, hadden we de concurrentie afgeschud, en zo lagen podiumplaatsen in het verschiet voor de twee snelste van onze groep. Dit betekende ieder voor zich, racen voor wat hij waard was.
Eindhoven 2 tm 5 op Ameland
De 21 kilometers gaven genoeg speelruimte voor de nodige demarrages, instortingen, herpak-momenten en zelfs een valpartij van ondergetekende. Uiteindelijk legde 'Eindhoven' lovenswaardig beslag op de plaatsen 2 tot en met 5. Bovendien hadden wel allemaal harder gelopen dan we vooraf individueel verwacht hadden. Maar het mooiste, bij de finish stond iedereen op elkaar te wachten om de nodige high-fives aan elkaar uit uit te delen. Hardlopen is niet alleen mooi, het is ook een Teamsport.

vrijdag 18 november 2011

"En nu?"

Maanden, wat zeg ik jaren hard werken worden op die ene dag beloond. Bij het passeren van de finishlijn giert de endorfine door het lijf. Nee, pijn is niet fijn, maar dit is extreem verslavend zo heb ik zelf ondervonden. Echter, zoals met ieder pepmiddel komt na de kick het beruchte lege gevoel: “En nu?

Fuck het gezonde voedingspatroon
Omdat aan de wilgen hangen me nog wat vroeg lijkt dus toch de draad maar weer oppakken. Aanvankelijk een aantal weken heerlijk ongedwongen. Fuck het schema. Ik ga lopen wanneer ik wil lopen, waar ik wil, hoe lang ik wil en hoe hard ik wil. Fuck die rompstabiteit. Ik blijf wel op de bank liggen. Fuck dat gezonde voedingspatroon. Als ik meer zin heb in chocolade of drop, dan plunder ik de voorraadkast of race ik naar de supermarkt. Idem voor Japanse-mix en chocolade-pepernoten. Wat een briljante uitvinding zijn die dingen trouwens. Koffie, ja dat wil ik ook, met sloten tegelijk.

Dan begint zo zachtjes aan de schema-loze calorie-rijke leven me de keel uit te hangen. Het beruchte het lege gevoel: “En nu?”

Urenlang dwaal ik over het internet me verliezend in hardloopagenda’s en sites van hardloopwedstrijden. Eerst worden de hoofddoelen als piketpaaltjes geslagen. Vervolgens komen daar tussenin andere wedstrijden als tussendoelen te staan. Hup, nog wat kleine optionele wedstrijdjes er tussendoor en het resultaat mag er zijn. Een mooi gebalanceerd programma voor het komende jaar. Maar belangrijker nog, een motivatie om weer aan de slag te gaan.

Video: 5 weken na de Marathon
Kneiterharde looptrainen volgens schema, rompstabiliteit gewoon omdat het moet, gezond eten, voldoende rusten, vlammen in wedstrijden, soms teleurstellend langzaam, soms boven verwachting hard. Hoe mooi kan het zijn. Op naar een nieuwe finish-lijn; Ik heb er weer zin in!



zondag 9 oktober 2011

Voor één dag BE-er

Mooi idee, de organisatie van jouw marathon gaat je in je voorbereiding naar  jouw belangrijkste wedstrijd volgen. “Gaan we doen.  Kom maar met die camera,” antwoordde ik.

Omroep Brabant live in de stad
Daarbij realiseerde ik me niet dat dit wel 'enige druk' met zich mee zou kunnen brengen. Afgelopen weken kreeg ik al blaren op mijn tong van het temperen van de verwachtingen. Nee, geen sub-2:20, maar 2:21 is reëel. Nu nog ff doen dus.  "Damn, wat doet die camera hier nu al 10 minuten naast me?" Ik hoor een voor mij onbekende toeschouwer roepen: “Kom op Harm, Mister-040, houd de eer van Eindhoven hoog!” Oh ja, voor één dag ben ik een BE-er: een Bekende Eindhovenaar. Dus  toch wel enige druk. 

Nog vier dagen tot mijn marathon. De weersvoorspellingen vallen tegen: ik vrees de Westenwind en de voorspelde forse regenbuien. Op drie dagen begin ik mezelf te vergiftigen met Carboloader drank.  Ook is er een persconferentie waar de ondergetekende sportliefhebber zelf ineens aan de tand gevoeld wordt.  Op vrijdag belt een lokaal  radiostation om te informeren naar mijn ontbijt. Op zaterdag train ik voor het laatst, prepareer ik mijn drankflesjes en moet het startnummer  bij de Technical Meeting in het Atletenhotel opgehaald worden. 

Met Superhaas 'Manu'
Tevens zal daar een reflectiehesje voor Janneke klaar liggen.  Vooraf heb ik bedongen dat mijn lief officieel mag meefietsen voor mijn drinken en voor inhoudelijke coaching. Het hesje laat uiteindelijk tot twee minuten voor de start op zich wachten. Wel fetteert de organisatie me met superhaas Emmanuel Biwott (62 minuten op de Halve). Het toeval wil dat ik hem in Voorthuizen dit jaar in een 500-meter lange eindsprint genadeloos afmaakte (Eufemisme natuurlijk). Emmanuel kan er nog om lachen en dus gaat hij me helpen.

Vanochtend was er ineens superweer. Geen regen, zelfs wat zon en een lage temperatuur. Getooid met neuspleister (ivm lichte verkoudheid), armstukken, handschoenen en een zonnebril begon het feest dus om 10:00 uur. Anderhalf uur later begonnen mijn dijbenen een partij te protesteren. “Vriend, hou daar eens mee op, ga eens wandelen,” voelde ik die dijen schreeuwen. Gelukkig sleurde Emmanuel me erdoor heen en herpakte ik me. Vervolgens coachte Janneke me strak tot 41-km en leek mijn gewenste 2:21 in the pocket. 

Vreugedekreet (foto: Martijn de Bie)
De laatste kilometer moest ik alleen lopen en ging zij alvast binnendoor naar de finish.  Op het Stratumseind kwam de pijn ineens terug, werden de benen stram, en stond de wind vol in mijn gezicht. Mijn brein was echter te poreus om te beseffen dat ik nog  wel een beetje moest doorlopen voor die streeftijd. Nooit eerder was mijn laatste kilometer ook mijn traagste, maar ook was nooit eerder mijn eindtijd zo snel.

Een PR in de gewenste tijd en eerste Nederlander in mijn marathon. Voor één dag ben ik een Bekende Eindhovenaar. En ik ben er trots op!

Bijhorende Video's:
Video: Race verslag Losse Veter
Video: nog 3 dagen: Koken en trainen
 

maandag 5 september 2011

Bevestiging zoeken

Twijfel in m’n kop voorafgaand aan het NK 10km. Gaat het wel goed? In hoeverre gaan mijn lange duurlopen te koste van mijn snelheid? Alweer 14 dagen geleden was de laatste snelheidsprikkel bij een regionaal wedstrijdje in Best. En daar draaide ik nog K ook. En zit ik ineens iedere woensdagavond op mijn racefiets in mijn woonkamer mezelf naar de mallemoer te fietsen om mijn benen zogenaamd ‘niet teveel te belasten’. Yeah right, die 10km gaat helemaal ruk worden, ik voel het.

We love Font-Romeu
Met weemoed denk ik terug aan Font-Romeu. Prachtige omgeving. Heerlijk weer. Ruim voldoende slaap iedere dag. Geen stress. De liefde van mijn leven aan mijn zijde. Samen trainen. Samen ontbijten. Samen lunchen. Samen koffie drinken. Samen pasta eten. Hoe mooi en simpel kan het zijn. Heerlijk naar de mallemoer gaan bij baantrainingen op 1850 meter hoogte. Inspiratie opdoen door wereldtoppers te zien trainen. Nog wat fietsen. Beetje internetten. Boekje lezen. Het leven is verrukkelijk.

En dan bij terugkomst een nieuw type schema: op dinsdagen voortaan een tweede lange duurloop, woensdagen met een dubbele training 1x loslopen en 1x cardio in D5 (op de racefiets dus), en donderdagen een training met blokken in D3, dus in marathontempo. Humn, wat moet ik hiervan denken. Helemaal nu die traditionele Halve marathon voorafgaand aan het einddoel ook al schittert in afwezigheid. Toch maar even de meester bellen. “Die bevestiging komt er op de tweede zondag van oktober na 25km.” Best lang wachten als je ongeduldig bent.

Bevestigende finish bij NK 10km
Dus gisteren in Tilburg op zoek naar pre-bevestiging dat ik op de goede weg zit. Damn, wat is het benauwd. Mijn kleren plakken aan mijn lijf bij het inlopen. Startschot en vlammen. Na 500m laat ik de kopgroep gaan. Zelfmoord lijkt me niets vandaag. Vanaf 3km begin ik atleten op te rapen. Na bijna 9km schuif ik op naar de 10e plek. Op 100m nog flink aan de bak om die plek ook echt veilig te stellen. Net geen PR, maar wel Top-10. Belangrijker nog, de verlangde bevestiging: ik zit op de goede weg.

Video-compilatie: Trainingsstage Font-Romeu 2011 gemaakt door LosseVeter
Video-compilatie: Trainingsstage Font-Romeu 2011


zondag 17 juli 2011

De Mentale Strijd Aangaan

Doorgaans vindt De Marathonloper een 10-km wedstrijd over het algemeen niets omdat je ondanks dat het best een eind is vrij fors de verzuring in gaat. De eerste 5 kilometers lukken altijd wel, maar dan begint de strijd. Een mentale strijd op weg naar een persoonlijke doelstelling waarbij geloof in eigen kunnen essentieel is.

Solo vanaf de start in Chaam
Bij mijn 31:05 in de 10km-wedstrijd in Rijsbergen was dat geloof er bij het 5km-punt nog niet. Wel was het eindresultaat van die wedstrijd genoeg om het geloof aan te wakkeren richting de volgende 10km-wedstrijd in Chaam. En zo passeerde ik aldaar in nagenoeg dezelfde tijd het 5km-punt. Het moment om de mentale strijd aan te gaan om de fysiek te laten excelleren. Non-stop ging de volgende kretologie door het brein: “Doorlopen, niet aanstellen, strak houden, blijven gaan, concentreren!”

 De mentale strijd werd gewonnen en leverde de gewenste 30:52 op. Meteen was dit ook de doodstreek voor de derde en laatste 10km-wedstrijd in Voorthuizen. Ondanks weer een doorkomst halverwege in dezelfde tijd, was er geen geloof in een verbetering ingegeven door de herfstachtige omstandigheden. Om een mentale strijd aan te gaan, moet je er om te beginnen vooraf geloof in hebben.

Een belangrijke les. Ik geloof in een verbetering van mijn marathon PR. Op 9 oktober zal ik in Eindhoven de mentale strijd aangaan.
Losse Veter Video richting 9-10-'11: 040, Mijn Stad, Mijn Marathon

zondag 19 juni 2011

Andere Baan

Per april heb ik mijn onregelmatige consultancy-leven ingeruild voor dat van projectleider bij de Chip-maker om de hoek. Niet meer met de lease-auto in de file op weg naar het onbekende, maar dagelijks 20 minuutjes fietsen naar mijn vaste werkplek inn Veldhoven. And I like it.

Parallel startte in april de marathonloper met wekelijkse baan-trainingen op spikes. Inderdaad zag het plaatje er als volgt uit: Een trainer met stopwatch in de hand zijn pupil aansporend dieper te gaan dan hij ging. De pupil vervolgens bij de finish van ieder tempoblokje rollend over de grond alsof iemand hem net met een Uzi had neerschoten. Bloed doorlopen ogen, stoom uit de oren, happend naar adem. Het lactaat deed zijn werk. Het impliciete doel was lactaattolerantie opbouwen om als een waardig krijger te kunnen sterven in de baanwedstrijden. Expliciete doelen waren vrij simpel: PR’s op alle korte afstanden.

Startend met 800m, eindigend met 5000m. En als we dan toch bezig zijn nog even aftoppen met een 10km wegwedstrijd. Resumerend vielen de korte afstanden tegen, waarschijnlijk omdat ik iedere keer te snel alleen kwam te zitten en te hard kapot ging. Toch gingen alle PR’s eraan en is de 14:51 op de 5000m niet onverdienstelijk.

Gisteren moest dus het 3e PR in 8 dagen worden, ditmaal op de 10km. Streeftijd was 30:59. De Bavoloop in Rijsbergen is een gemoedelijke stratenloop met vier grote rondes van iets meer dan 2km. Inderdaad zit je dan vrij snel tussen de achterblijvers. Ook is er her en der publiek wat onverlaat op het parcours in de binnenbocht gaat staan. Je went eraan. Overall op het parcours hoor je de speaker schellen. Na iets meer dan een kilometer hoorde ik zo mijn naam als lid van de kopgroep. Inderdaad, schuilend voor de harde wind. Het hoge tempo leek me teveel van het goede en ik besloot de groep te laten gaan om alleen tegen de wind in te boksen. Met 31:05 wel een PR, maar nog niet naar tevredenheid.

Er zit zeker meer in, en dat biedt vertrouwen naar, zo heb ik inmiddels bedacht, het baanseizoen 2012. Deze baanwisseling bevalt me namelijk wel.

zondag 10 april 2011

Domme Kracht

Om beslagen ten ijs te komen bij de Halve van Venlo leek een tweedelig trainingskamp me een zinvolle investering. Voor het eerste deel toog ik samen met de Meester naar het exotische oord Texel. Uiteraard was het weer 70 kilometer lang des Nederlands K##weer, wat het verlangen naar het tweede deel in het aangename Portugal vooraf verhoogde. Immers, het Portugeese trainingoord Monte Gordo is het in maart altijd perfect hardloopweer. De realiteit gebied te zeggen dat ik de straten na een regenbui zo blank stonden dat de Straat van Gibraltaar er nog jaloers op zou zijn.

Omdat Venlo ‘slechts’ een halve marathon is, zijn exorbitante kilometeraantallen ook niet cruciaal. De extra vrije tijd kon dus dagelijks gevuld met rompatbiliteits-krachttraining (Lees: geen heerlijke kilometers, maar verschrikkelijke sit-ups). Aangezien mijn vriendin Janneke al sinds haar 11e plek bij het NK halve marthon in oktober geblesseerd, is zij al langer gewend aan dit trainingsregime. Dagelijks deden we braaf onze oefeningen, die, zo wisten we zeker, zich uiteindelijk zouden uitbetalen.

Inderdaad won ik bij terugkomst in Nederland direct nog een cross en de week daarop een 10km in Weert. Alles leek dus goed te gaan. Daags voor de wedstrijd deed ik om de tijd te doden nog een laatste keer wat rompstabileit en off-we-go. De doorkomst in Venlo na 5km was goed en op schema richting de geplande 1:06. Twee kilomer later kwam echter een onzettende buikkramp op, moest ik het tempo noodgedwongen minderen, en zelfs iets na het 10km-punt stoppen.

In het uitlopen naar de finish trok de pijn gestaag weg, maar werd het vraagteken des te groter. Nu blijkt dat een buikspiertje beschadigd is geraakt wat de vernedering van het moeten stopppen veroorzaakte. Hoe dom.